Omgevingswet: meer werk?

Op een congres over de inrichting van de openbare ruimte in Nederland spraken we de eindverantwoordelijke ambtenaar van een middelgrote Nederlandse gemeente. Hij gaf aan dat participatie in zijn ogen een enigszins overschatte tendens was, die soms leidde tot meer werk voor de ambtenaren van zijn gemeente. Uit onderzoek bleek dat drie procent van de mensen in zijn gemeente verantwoordelijk waren voor meer dan 90% van de vragen (en aangedragen oplossingen). De gemeente stelde de input zeker op prijs maar vreesde voor een overload aan werk als de Omgevingswet haar intrede zou doen. Hij schetste daarmee eigenlijk in één zin het probleem waar veel gemeenten mee kampen: het aanhaken van burgers bij besluitvorming leidt tot onzekerheid en wellicht tot veel meer werk voor de gemeente.

Tegelijkertijd is er soms onvoldoende informatie beschikbaar voor burgers om hun input en feedback op te baseren. Dat leidt dan weer tot onrealistische verwachtingen vanuit de maatschappij en onbegrip bij de ambtenaren die al deze verzoeken en ideeën moet opvolgen en uitwerken.

Digitaal Stelsel Omgevingswet

De komende Omgevingswet gaat er in theorie voor zorgen dat bovengenoemde problemen komen te verdwijnen. Immers, de informatievoorziening voor de burger komt op hetzelfde niveau te staan als die van de overheid middels het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO), voorheen bekend onder de naam Laan van de Leefomgeving. Dit stelsel moet burgers in staat stellen om over dezelfde bronnen en informatie te beschikken als de overheid. Verder schept de Omgevingswet een kader waarin participatie vanuit de maatschappij richting de overheid wordt aangemoedigd (en wellicht afgedwongen). Dat betekent dat het negeren van stakeholders door de overheid er niet langer bij is.

Wat de Omgevingswet echter niet regelt, en ook niet kan regelen, is dat de communicatieverschillen tussen overheid en burger worden opgelost. Daarnaast zullen stakeholders uit de maatschappij maar moeilijk kunnen accepteren dat de overheid als initiator van veel plannen ook de rol op zich neemt als coördinator en communicator van het bijbehorende proces. Kort gesteld: het wantrouwen vanuit de maatschappij is in veel gevallen groot en dat zal door de Omgevingswet niet zomaar veranderen.

De oplossing hiervoor kan zijn het inhuren van externe Omgevingsregisseurs, die met een neutrale bril naar de materie kijken en tegelijkertijd in staat zijn om alle betrokken stakeholders daadwerkelijk met elkaar te verbinden. Op die manier voorkomt de overheid dat projecten stuklopen op protest en weerstand uit de maatschappij en kan worden gezocht naar de best mogelijke oplossing voor alle partijen.