Burgers nemen heft in eigen hand

Recent zocht een Brabantse gemeente naar een goede plek om een AZC te vestigen. De burgers van deze gemeente vonden echter dat ze onvoldoende geïnformeerd waren over de komst van dit asielzoekerscentrum in hun gemeente. Zij namen daarom het heft in eigen handen en gingen zelf actief op zoek naar informatie. Er lagen namelijk plannen om in de gemeente een AZC voor maximaal 300 asielzoekers te vestigen. Hier stemde de gemeenteraad onlangs mee in. Dat er over zo’n beladen onderwerp gestemd zou worden, werd in een regionale krant en in een huis-aan-huisblad gepubliceerd.

Maar de aankondiging is aan velen voorbij gegaan, zo leek het althans. Tijdens een informatiebijeenkomst waren er veel vragen over hoe het kon dat niemand in van de komst van een AZC wist, ook al had de gemeente wel haar best gedaan om burgers erbij te betrekken.

Onder druk van de burgers werd de procedure omgegooid: Er kwam een lijst met alle locaties in de gemeente die volgens de eisen van het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers (COA) geschikt zijn voor de vestiging van een asielzoekerscentrum. Vervolgens werden omwonenden van al die mogelijke locaties uitgenodigd voor een bijeenkomst waar zij konden meepraten. Op basis van de uitkomsten van die gesprekken, waarbij alle argumenten voor de keuze werden belicht, werd een voorkeur uitgesproken voor een definitieve plek voor een AZC.

Deze beweging van de gemeente is er één die met de komst van de Omgevingswet eerder regel dan uitzondering zal zijn. Deze gemeente loopt dus voorop als het gaat om serieuze burgerparticipatie. Het lijkt de oprechte bedoeling dat de burger actief wordt betrokken. De vraag die dan rijst is: is de gemeente wel toegerust om dit veelomvattende proces vorm te geven en daarbij de burgers het gevoel te geven dat ze niet enkel ‘voor de bühne’ worden gehoord. Hoe zit het met de capaciteit van het ambtenaren apparaat om met al deze interactie om te gaan? Betekent dit in praktijk niet veel meer werk voor de gemeente, zeker bij gevoelige projecten?